Nieuws

Twee keer kijken naar armoede

03-02-2016

Studio Globo opent een nieuw inleefatelier Achter de Muur in Hasselt. Medewerker Coroline ging daarom op ‘stage’ bij enkele organisaties. Daar ontdekte ze twee manieren om naar kansarmoede te kijken. 

Worteltjes in blik, ingeblikt stoofvlees, potjes chocomousse… terwijl ik zakken help vullen bij de voedselbedeling bedenk ik dat ik zelf de helft van de voeding die wordt meegegeven niet graag zou geven aan mijn kinderen. Als je arm bent, zou je er dan wel blij mee zijn? 

Aanschuiven en wachten

Na een dag meehelpen bij de voedselbedeling van Sint-Vincentius is het beeld waarmee ik naar huis ga er eentje van wachten en geholpen worden. Met een volgnummer in de hand schuiven klanten aan, samen met vijftig anderen op een bankje in de gang. Het aanschuiven duurt lang. Wie aan de beurt is, krijgt een winkelkar en opent zijn zelf meegebrachte winkelzakken. Bij het binnenkomen wordt de gezinssituatie kort omschreven zodat alle vrijwilligers weten welke hoeveelheden van ieder product ze moeten meegeven. Twintig behulpzame vrijwilligers helpen om de voedingsmiddelen in zakken te doen. Wat de klant niet kan gebruiken wordt uit het pakket gehaald.  Sommige klanten schamen zich en kijken niet op. Ik vraag me af waarom arme mensen niet kunnen kiezen. 

Traagheid

Een driedaagse stage bij buurtwerk ’t Lampeke geeft mij de kans om na te gaan hoe een buurtwerker naar ‘mensen in kansarmoede’ kijkt. De buurtwerkers nemen tijd om naar mensen te luisteren, ze bouwen genoeg ‘traagheid’ in om echt door te vragen naar het waarom. Medewerkers helpen leerkrachten om door een ander bril naar de ouders en kinderen te kijken: naar de sterkte en trots die er is. Ouders worden ondersteund. Fabota, de kinderwerking van buurtwerk ’t Lampeke,  steekt veel tijd in conflicthantering. Fabota organiseert spelletjes op de speelplaats van de school om conflicten te voorkomen. Ze zijn aanwezig op het schoolfeest. Fabota is een oase van ruimte en groen voor kinderen die opgroeien zonder tuin.

't Lampeke kiest voor sociale mix. Zo is het afhaalpunt voor de sociale kruidenier en van het biologische voedselteam in hetzelfde lokaal. In de sociale kruidenier kiest elke klant zelf wat hij nodig heeft. Er is veel vers, biologisch en ecologische wasmiddelen. Arme mensen krijgen hier de kans om te kiezen, ze kunnen kiezen voor gezond en ecologisch!

De invalshoeken

Tijdens deze twee stages ontdekte ik dus twee invalshoeken om naar kansarmoede te kijken. Ze zorgden er ook voor dat er op een andere manier werd omgegaan met mensen in armoede. Op de ene plek kijken ze naar de mensen in armoede als slachtoffers en doen ze hun morele plicht om die mensen in nood te hulp te schieten. Op de andere plek kijken ze vooral naar de omgeving van de mens in armoede. De mens is arm doordat hij in zijn omgeving niet genoeg kansen krijgt om zijn talenten, energie en creativiteit tot ontplooiing te brengen. 

Een recente studie van de Koning Boudewijnstichting brengt maar liefst 12 verschillende invalshoeken in kaart.  Sommigen maken van armoede een probleem, anderen ontproblematiseren juist. Dat besef helpt om een evenwichtiger beeld te krijgen op kinderen in kansarmoede. Je ziet meer aspecten van het kansarme kind. Het is een aanrader voor elke leerkracht om ook het eigen beeld te verruimen.

 

Leestip 

‘Weg van het stigma. Hoe kunnen we anders communiceren over kinderarmoede?’ Een studie van de beeldvorming over armoede. Koning Boudewijnstichting 2015. 

 

Dit artikel stond ook in Wereldreis